Onderzoek naar de bronchiale Thermoplastiek behandeling bij ernstig astma


Momenteel loopt er geen studie die onderzoek doet naar de bronchiale thermoplastiek behandeling bij ernstig astma.

De inclusie van de TASMA studie is momenteel gesloten.


TASMA studie

Bronchiale Thermoplastiek voor Ernstig Astma: meer lucht door warmte

Inclusie gesloten

Bronchiale Thermoplastiek is een nieuwe behandeling voor patiënten met astma die ondanks het gebruik van hoge doseringen ingeademde astmamedicijnen nog steeds klachten houden van hoesten en benauwdheid en hierdoor in het dagelijks leven worden gehinderd. In 2010 is Bronchiale Thermoplastiek door de Amerikaanse autoriteiten goedgekeurd en sindsdien wordt in de VS en Europa deze behandeling in gespecialiseerde ziekenhuizen toegepast. 

Helaas is het niet duidelijk hoe Bronchiale Thermoplastiek precies werkt en kunnen we niet tevoren voorspellen of en bij welke patiënt met astma deze behandeling voordeel oplevert. Heeft Bronchiale Thermoplastiek bij patiënten met astma een effect op de spiertjes rond de luchtwegen waardoor de luchtwegen minder kunnen vernauwen? Of vermindert Bronchiale Thermoplastiek de astmatische luchtwegontsteking en/of heeft het een effect op de zenuwgeleiding of de bloedvoorziening van de luchtwegen waardoor de luchtwegen minder prikkelbaar worden? Bovengenoemde openstaande vragen over Bronchiale Thermoplastiek zijn de reden waarom de Nederlandse en Internationale richtlijnen aangeven dat deze behandeling alleen binnen wetenschappelijk onderzoeksverband mag plaatsvinden.

Om deze vragen goed te kunnen beantwoorden worden er in dit onderzoek extra onderzoeken gedaan. Het betreft onderzoeken via de luchtweg (bronchoscopie), slijm opwekking (wordt ook wel sputum inductie genoemd), 3 soorten longfunctie onderzoeken, 3 soorten vragenlijsten en bloed afnames. Tijdens de extra bronchoscopie(ën) wordt materiaal uit de luchtwegen genomen in de vorm van kleine stukjes weefsel (slijmvlies-hapjes (biopt) en –borsteltjes (brush) en (spoel)vloeistof. Dit materiaal wordt onderzocht op de hoeveelheid spiercellen, de functie van de spiercellen, de hoeveelheid en het soort ontstekingscellen en de zenuw/vaatdichtheid. Luchtwegweefsel en -spoelsel worden niet alleen voor en na de behandeling vergeleken, maar worden ook vergeleken met het luchtwegweefsel en -spoelsel van patiënten met lichte vormen van astma en mensen die geen astma hebben. 

 

Aan dit onderzoek deden 3 ziekenhuizen mee, het Academisch Medisch Centrum Amsterdam, het Universitair Medisch Centrum Groningen en het Royal Brompton Ziekenhuis, Londen, Verenigd Koninkrijk. In totaal doen ongeveer 40 patiënten aan dit onderzoek mee.